Ga naar inhoud

Besturingssysteem: Linux en Windows

De Managed VM-module deployt de VM, zijn schijven en de omliggende services. Wat er binnen het besturingssysteem gebeurt, is van jou: partities en bestandssystemen, services, software, antivirus, gebruikers, hardening en applicatie-instellingen. De module en het platformteam ondersteunen geen handelingen binnen het besturingssysteem.

Beschikbare images

Je kiest een OS-type (linux of windows) en optioneel een OS-SKU. De module koppelt zijn eigen SKU-namen aan Azure-images. Laat je de SKU weg, dan wordt de nieuwste standaardimage gebruikt.

OS-type SKU-namen (voorbeelden)
Linux ubuntu_2204_gen2 (standaard in het aanvraagformulier; oudere namen ubuntu_1804 en ubuntu_2004 bestaan nog maar vallen buiten support), ubuntu_2404, rhel_8_10, rhel_9_6, rhel_10_0, elke RHEL ook met een _gen2-variant
Windows datacenter_2022 (standaard), datacenter_2022_core, datacenter_2019, datacenter_2019_core, en vanaf een latere moduleversie windows_server_2025_datacenter_azure_edition en windows_server_2025_datacenter_core_azure_edition

In plaats van een genoemde image is een eigen image uit de Azure Marketplace mogelijk. Vraag je platformteam of dat op jouw platform is toegestaan, en wie verantwoordelijk is voor de licentie en de support van die image.

De lijst groeit met elke moduleversie, en oude images vallen bij de leverancier buiten support. Vraag je platformteam welke SKU-namen jouw versie ondersteunt, en lees het patroon van de release notes.

Licenties

De module heeft een optie license_type om Azure Hybrid Benefit te gebruiken op Windows- en Linux-VM's. Voor Windows-VM's is de standaard Windows_Server. Controleer je licentieovereenkomst voordat je erop vertrouwt.

Linux: een datadisk toevoegen

Een nieuwe datadisk die je via een wijzigingsverzoek hebt toegevoegd, is aan de VM gekoppeld maar nog niet gepartitioneerd. Het volgende script zoekt de nieuwe disk, maakt één partitie over de volledige capaciteit, formatteert die met XFS en mount hem op /datadrive. Het is een voorbeeld uit een concept-runbook, geen ondersteund hulpmiddel. Lees het voordat je het uitvoert: het formatteert een disk.

DIR="/datadrive"
if [ ! -d "$DIR" ]; then
  drive=$(lsblk -r --output NAME,MOUNTPOINT | awk -F \/ '/sd/ { dsk=substr($1,1,3);dsks[dsk]+=1 } END { for ( i in dsks ) { if (dsks[i]==1) print i } }')
  sudo parted /dev/$drive --script mklabel gpt mkpart xfspart xfs 0% 100%
  sudo mkfs.xfs /dev/${drive}1
  sudo partprobe /dev/${drive}1
  sudo mkdir /datadrive
  sudo mount /dev/${drive}1 /datadrive
  uuid=$(blkid -s UUID -o value /dev/${drive}1)

  echo "UUID=${uuid} /datadrive xfs defaults,nofail 1 2" | sudo tee -a /etc/fstab
fi

Het script kiest de disk die nog geen partitie heeft. Controleer met lsblk dat het de juiste heeft gekozen. Microsoft Learn beschrijft de handmatige manier: een datadisk aan een Linux-VM koppelen.

Hetzelfde geldt voor een disk die je uit een backup hebt hersteld: koppel hem en mount hem daarna (Backup en herstel).

Windows: een datadisk toevoegen

Een nieuwe datadisk moet in Disk Management worden geïnitialiseerd voordat je hem kunt gebruiken. Initialiseer hem, maak een volume en wijs een driveletter toe. Zie Microsoft Learn.